Scheid de vraag van de stukken
Begin met het materiaal ‘Omzetanalyse van terugkerende klanten en beschrijving van de overdraagbare processen’. Schrijf er de herkomst, de beschikbare versie en de datum van de beslissing naast. Als een onderdeel alleen mondeling bekend is, vermeld je wie het kan bevestigen. Zo ontstaat een bruikbaar onderscheid tussen iets dat al in het dossier staat en een verwachting die nog besproken moet worden.
Het werkproduct voor deze stap is ‘Controleer de periode van de steekproef’. Zet daarin één open punt apart. In deze casus is dat ‘Welke invloed heeft de tweede conditie op de beslissing?’. Schrijf bij het punt wat je nog nodig hebt om erover te beslissen. Een bron, concrete waarneming of aangewezen verantwoordelijke maakt de vervolgstap beter uitvoerbaar dan een algemene afspraak om later opnieuw te kijken.
De twee condities in het werkblad
Historische steekproef uit de huidige exploitatie komt uit op 62 klanten op 100 in de oefenlijst. Bij voorzichtige rekenvariant na eigenaarswissel staat 49 klanten op 100 in de oefenlijst. Het verschil bedraagt 13 klanten op 100 in de oefenlijst in neerwaartse richting. Bij het inventariseren helpt dit paar om te controleren of ‘Omzetanalyse van terugkerende klanten en beschrijving van de overdraagbare processen’ wel beide condities beschrijft. Ontbreekt één kant, dan hoort die beperking in ‘Controleer de periode van de steekproef’.
Open voor de inventarisatie een werkregel met als opschrift «Controleer de periode van de steekproef». Registreer bij «Historische steekproef uit de huidige exploitatie» de waarde 62 klanten op 100 in de oefenlijst. Registreer 49 klanten op 100 in de oefenlijst op een afzonderlijke regel voor «Voorzichtige rekenvariant na eigenaarswissel». Zet naast beide de herkomst, datum en afbakening. Het bewijsstuk voor je eigen bewerking is Omzetanalyse van terugkerende klanten en beschrijving van de overdraagbare processen. Komt het benodigde gegeven alleen in een gesprek ter sprake, laat de aangewezen gesprekspartner het dan bevestigen voordat je de regel als gecontroleerd markeert. De bedragen of tellingen in deze oefening horen bij het gekozen voorbeeld.
Van uitwerking naar beslissing
Neem ‘Vraag hoe klanten zijn ontdubbeld’ pas op nadat duidelijk is welke informatie daarvoor beschikbaar is. Gebruik je inventaris als overdracht. Zet bij ‘Controleer de periode van de steekproef’ de naam van de verantwoordelijke, de nog ontbrekende bron en het moment waarop je het punt opnieuw beoordeelt.
Vraag wie de informatie kan bevestigen vóór een vervolgstap in de koop. Houd de acties van koper en verkoper apart. Bij de vraag ‘Controleer de periode van de steekproef’ helpt het om één toetsbare zin te noteren over een waardering met een sterk merk en sterke eigenaar. Vermeld welke informatie je gebruikt en welke afspraak nog ontbreekt. Een collega kan dan zien welke vervolghandeling logisch is zonder de hele aanleiding opnieuw te reconstrueren.




